|
|

Er
zijn veel verschillende soorten warmtepompen, maar de werking
komt altijd op hetzelfde neer. In het voorbeeld hieronder wordt
de aarde als warmtebron en elektriciteit als aandrijfenergie gebruikt.
De werking van een warmtepomp is onder te verdelen in drie stappen:
Een vloeistof met een kookpunt lager dan de aarde temperatuur
dient als transportmiddel van de warmte. Onder invloed van de
aardwarmte verdampt deze vloeistof. Er wordt door de vloeistof
dus warmte aan de aarde onttrokken.
De verdampte vloeistof wordt vervolgens samengedrukt door een
compressor. Hierdoor stijgt de druk en de temperatuur van de damp.
Bij het oppompen van een fietsband is dit verschijnsel ook goed
waarneembaar: De onderkant van de pomp, waar de druk het hoogst
is, wordt behoorlijk heet.
Als
laatste stap wordt de warmte aan de damp onttrokken door bijvoorbeeld
een CV. Het CV water stijgt in temperatuur, de damp daalt in temperatuur,
zelfs zover dat de damp weer condenseert tot vloeistof. Dat laatste
gebeurt in het condensorvat. De vloeistof stroomt weer naar de
verdamper waar het proces weer van voor af aan begint.
In een koelkast gebeurt in wezen hetzelfde: warmte wordt ontrokken
aan de binnenkant van de koelkast. Daardoor daalt de temperatuur
binnen in de koelkast. Aan de achterkant wordt deze "warmte" afgegeven.
Als de koelkast is aangeslagen, is dat ook goed voelbaar: aan
de achterkant van de koelkast stijgt warme lucht op. Het geluid
dat bij het aanslaan hoorbaar is, is de elektrisch aangedreven
compressor.
|
|